Een twintigjarige man uit Alkmaar staat in Amsterdam voor het gerechtshof om zijn naam te zuiveren. Hij kreeg eerder een celstraf van negen maanden voor het beroven van een zestienjarige jongen van zijn AirPods, onder bedreiging met een machete.

De man heeft zijn straf al uitgezeten, maar is het niet eens met de uitspraak van de rechtbank. Tijdens de overval op 5 oktober 2024 werd het slachtoffer gedwongen in een steegje zijn spullen af te geven.

De rechtbank concludeerde dat de verdachte het mes tijdens de beroving zichtbaar maakte, maar de man blijft volhouden dat hij het wapen niet bij zich had. Hij zegt dat hij in een opvanghuis woonde en dat het mes verstopt was in de bosjes.

Zijn advocaat benadrukt dat zijn cliënt vecht voor zijn reputatie en de rechtvaardigheid van de zaak. De aanklager gelooft het verhaal van de verdachte niet en wijst op zijn eerdere strafblad. Ondanks zijn verleden lijkt de man zich te hebben verbeterd en woont hij weer bij zijn familie.

Het Openbaar Ministerie eist opnieuw een celstraf, maar vraagt niet om terugkeer naar de gevangenis. Het hof doet over twee weken uitspraak..